Wanneer examenstress van ouders groter wordt dan die van hun kinderen
- Linde Lambrechts

- 3 dec 2025
- 4 minuten om te lezen
Ik mocht onlangs aanschuiven in De Wereld van Sofie, voor een gesprek over examenstress. Niet over de stress van jongeren… maar over de stress van hun ouders.
Blijkbaar voelen heel veel ouders vandaag een enorme druk rond de examens. Ze voelen de stress van hun kinderen, of ze voelen stress over hun kinderen. En daar — precies daar — gebeuren dingen die we niet doorhebben.
Ouders die mee beginnen studeren. Mee achter de boeken kruipen. Nog snel een planning opstellen, nog wat samenvattingen maken, nog wat extra oefeningen zoeken. Alles om hun kind te ondersteunen.
Maar… is dat eigenlijk nodig?
Is dat helpend?
Tijdens de uitzending kreeg ik een reeks typische puberzinnen voorgeschoteld — zogenaamde “dooddoeners” — met de vraag hoe je daar als ouder best op reageert.
Zinnen als:
“Waarom moet ik dit kennen?”
“Mijn vrienden lezen dat twee keer en die kennen dat al.”
“Ik ben dom.”
“Dit is poepsimpel, ik ben al klaar.”
“Ik heb twee uur geleerd, ik ken het al.”
En de onderliggende vraag was telkens:
Hoe ga je hier als ouder mee om?
En vooral: kun je niet gewoon zeggen: stop met zeveren en begin eraan, omdat ik het zeg?
Ik voelde zo’n dankbaarheid dat ze bij míj terechtgekomen waren. Want mijn blik is compleet anders dan de gangbare.
Ik had heel wat theorie kunnen binnenbrengen, maar ik koos bewust voor belichaming. Voor voelen. Voor aanwezig zijn. Voor zien wat er echt gebeurt.
En Sofie voelde dat.
Na de tweede vraag zei ze al:
“Ik merk dat jij heel begripvol bent en liefdevol. Maar voor veel ouders lukt dat gewoon niet.”
En dat begrijp ik.
Echt.
Want ouders worden vandaag in zoveel richtingen getrokken.
De maatschappij verwacht dat je werkt, gezond leeft, sport, een sociaal leven onderhoudt, een huis runt… En dan, met het laatste prutsje energie dat je overhoudt, mag je even de belangrijkste taak van allemaal vervullen:
de volgende generatie opvoeden.
Daar schuurt het.
Daar verlies je jezelf.
Daar wordt het te veel.
En dan gebeurt dit:
Mijn kind heeft veel nodig.
En ik heb niet wat er nodig is om dat te geven.
Niet omdat je kind te veel vraagt.
Niet omdat jij tekortschiet.
Maar omdat deze twee dingen naast elkaar kunnen bestaan.
Dus is de vraag niet: hoe fix ik mijn kind?
Maar: wat heb ík nodig om te kunnen opdagen als ouder? Hoe kan ik ruimte maken zodat ik er wél kan zijn?
Het echte probleem is niet “studeren”
Ik benoemde in de uitzending iets dat voor veel ouders confronterend is:
Als jij naast je kind gaat zitten om mee te studeren, dan bedoel je dat liefdevol…
Maar je bevestigt onbewust:
dat dit superbelangrijk is,
dat het gevaarlijk is om te falen,
dat je kind dit niet alleen kan.
En ouders geven zo — zonder het te willen — hun eigen stress rond presteren en examens door.
Maar kinderen hebben niet nodig dat wij sleuren.
Kinderen hebben nodig dat wij zien.
Want:
Kinderen die zich goed voelen, kunnen zich concentreren.
Kinderen die intern gemotiveerd zijn, onthouden beter.
Kinderen die veilig zijn in het nu, bewegen vanzelf vooruit.
Wij moeten niet trekken.
Niet duwen.
Niet controleren.
We moeten vertrouwen.
En als ze niet bewegen?
Dan ligt er iets in de weg.
En dan is onze taak niet: actie forceren.
Maar: nieuwsgierig worden, verbinden, en zien wat er blokkeert.
De angstcultuur — “het komt niet goed!” — doet zoveel kwaad.
Maar kinderen hebben alles in zich om te groeien.
Op elk moment weten zij wat ze nodig hebben voor hun fysieke, cognitieve én emotionele ontwikkeling.
Als ze vastlopen, is dat altijd een signaal.
En dat vraagt geen afstand en geen loslaten, maar wijs leiderschap en verbinding.
Over ‘je moet soms gewoon dingen doen’
Ook die vraag kreeg ik:
“Kunnen we soms niet gewoon tegen kinderen zeggen: soms moet je gewoon dingen doen?”
En ik ben daar heel helder in:
Ik zeg dat nooit tegen mijn kinderen.
Want ik leer hen nooit om zichzelf te verraden.
Nooit om hun grenzen te negeren.
Nooit om iets te doen “om een ander te plezieren”.
Er is altijd een keuze.
Keuzes hebben gevolgen, ja.
Maar dat is iets totaal anders dan dwingen.
Ik wil dat mijn kinderen leren voelen:
“Wat gebeurt er in mijn lichaam? Wat klopt voor mij? Waar zit mijn nee? Wat ligt er onder?”
Omdat ik diep vertrouw dat kinderen van nature meewerkend zijn.
Liefdevol.
Nieuwsgierig.
Groeibereid.
En als dat niet zichtbaar is?
Dan zit er iets dwars.
En dat mag gezien worden.
Het echte werk zit in ons — niet in hen
In de uitzending voelde je het zo duidelijk:
Dit is niet de manier waarop de meeste ouders naar hun kinderen kijken.
Het vertrouwen in kinderen is zo broos geworden.
We denken dat ze:
weerstandig zijn,
tegenspreken,
“hormonaal” zijn,
lui zijn,
ongeïnteresseerd zijn.
Maar wat ze eigenlijk doen, is:
opkomen voor zichzelf
grote gevoelens uiten
laten zien wat er binnenin gebeurt
En wij… zien dat niet.
Daar zit de shift die zo nodig is.
Daarom doe ik wat ik doe.
Daarom werk ik zoals ik werk.
Want dit is geen kennis.
Dit is een proces.
Een deconditioning van jaren.
Een herleren van voelen.
Een terugkeren naar vertrouwen.
Je switcht dit niet in drie sessies.
Daarom duren mijn trajecten zes maanden, en mijn nieuwste een jaar.
Omdat dit werk tijd nodig heeft om te landen.
Om te zakken.
Om te belichamen.
En als dit resoneert…
Als je voelt dat jouw blik mag veranderen…
Als je merkt dat je het anders wíl doen maar nog niet weet hoe…
Dan ben je zo welkom.
In Mama’s in Unity.
In More Than Mama.
Stuur me een berichtje, een mailtje, een rooksignaal — wat jij wil.
Mijn deur staat open.
Voor jou.
Echt.
Voel maar of het klopt.
Ik ben hier.
En ik luister.
via deze knop kan je vrijbijven een gratis kennismakingsgesprek inplannen.




Opmerkingen